Boekrecensie: De terugkeer van de koning – man-zijn in de 21e eeuw - Ton van der Kroon

In een maatschappij waar traditionele rollen zijn vervaagd en de patriarchale structuren op hun laatste benen lopen, worstelen veel mannen met hun identiteit. Ze weten niet meer goed hoe ze zich moeten verhouden tot werk, relaties, seksualiteit en emoties. Ton van der Kroon legt in De terugkeer van de koning de vinger op de zere plek: de moderne man is vaak het contact kwijtgeraakt met zijn geaarde innerlijke bron en zijn hart. En we hebben in de Westerse wereld nog amper rituelen die zorgen voor een geleide overgang van jongen tot man. Het gevolg is dat een aantal mannen neigen te schommelen tussen twee gevaarlijke uitersten: de emotioneel afwezige of agressieve macho, of de aangepaste softe man die uit angst voor zijn eigen mannelijke kracht zijn grenzen en vuur heeft opgegeven. De auteur gebruikt mythen, volksverhalen en chakra’s om de weg te wijzen naar volwassen mannelijkheid.

Mythen als de landkaart van de ziel

Het uitgangspunt van het boek is dat oude mythen en verhalen fungeren als een blauwdruk voor menselijke bewustwording en ontwikkeling. Ze tonen een dieper patroon in de psyche dat helpt om dagelijkse beproevingen in een breder perspectief te plaatsen.

Volgens Ton van der Kroon bevindt de mannelijke psyche zich op een kruispunt:

  • De weg naar boven (transcendentie): via gebed, meditatie en inzicht naar verlichting.

  • De weg naar beneden (afdaling): de initiatie in de onderwereld, waar de man geconfronteerd wordt met zijn schaduwkanten, pijn, destructie en dierlijke instincten.

Echte heling ontstaat wanneer een man de moed heeft om af te dalen. Pas wanneer het ego dimt en de schaduw onder ogen wordt gezien, transformeert de verdrongen pijn in mededogen en de ingehouden agressie in oprechte daadkracht.

De reis van de held

Aan de hand van de Keltische mythe van Parcival en de zoektocht naar de Heilige Graal laat de auteur zien dat in iedere man twee figuren schuilgaan: de zieke koning en de jonge held.

Wanneer de koning verhardt en zijn hart sluit, wordt het land dor en onvruchtbaar. Veel mannen leven tegenwoordig in zo'n innerlijke staat van verlamming:

  • Ze doen hun werk, maar zijn hun dromen en levenslust kwijt.

  • Ze dragen nog steeds het witte hemd dat hun moeder hun gaf: ze doen wat de maatschappij van hen verwacht (carrière, succes, geld), maar handelen niet vanuit hun eigen innerlijke autoriteit.

  • Ze verschuilen zich achter externe verantwoordelijkheden (ten opzichte van baas of maatschappij) om hun eigenlijke levensmissie niet onder ogen hoeven te zien.

De bewustwording van deze innerlijke wonde is de prikkel voor de held om op reis te gaan en zijn eigen kern te herontdekken.

De zeven mannelijke archetypen

De auteur koppelt zeven archetypen aan het chakrasysteem. Elk archetype vertegenwoordigt een specifieke ontwikkelingsfase en bewustzijnslaag:

De Wildeman (1e chakra - wortelchakra) belichaamt de geaarde oerkracht, instinct en authenticiteit die in het opvoedingsproces vaak verloren gaan. In zijn lichtzijde is hij levenslustig en diep verbonden met de aarde, maar ongeleid vervalt hij in roekeloze destructie of transformeert hij juist in een tamme burger die afgesneden is van zijn vuur.

De Minnaar (2e chakra - sacraalchakra) staat voor levenslust, emoties, creativiteit en seksualiteit. Wanneer hij in balans is, brengt hij passie en verbindt hij het bekken met het hart; in zijn schaduw leidt hij tot verslaving, de scheiding tussen lust en liefde, of de afhankelijke moederszoon die geen engagement aangaat.

De Krijger (3e chakra – solaris plexus) vertegenwoordigt daadkracht, focus en het stellen van grenzen met zijn zwaard en schild. Aan de lichtzijde stelt hij zijn macht in dienst van het hart en neemt hij verantwoordelijkheid, maar doorgeschoten vervalt hij in wrede agressie, of in de passieve variant die zich laat overlopen.

De Koning (4e chakra - hartchakra) vormt het centrum van de psyche en brengt mannelijke daadkracht samen met vrouwelijke wijsheid. Een gezonde koning regeert vanuit compassie en schept orde waarin iedereen bloeit, terwijl zijn schaduw verandert in een wrede, narcistische tiran of een machteloze, zieke koning.

De Nar (5e chakra - keelchakra) gebruikt communicatie, humor en satire om de koning en de maatschappij een spiegel voor te houden. In zijn positieve vorm brengt hij relativering en bevrijdende openheid, maar in de schaduw verandert hij in een cynische intrigant die met manipulatie en desinformatie verdeeldheid zaait.

De Magiër (6e chakra – derde ook chakra) overziet grotere tijdsverbanden en bezit het inzicht om te differentiëren tussen goed en kwaad. Als wijze raadgever zet hij de scheppende kracht van gedachten helend in, maar in zijn schaduw misbruikt hij zijn intellect om te manipuleren en te kicken op macht.

De Heilige (7e chakra - kruinchakra) vormt de poort naar het goddelijke en herinnert ons eraan dat alle mensen als één familie verbonden zijn. Hij leeft in overgave aan universele wetten van liefde, maar loopt het risico te verdwalen in star dogmatisme waarbij de religieuze vorm belangrijker wordt dan de essentie.

Mindmap van de 7 archetypes Ton van der Kroon

Vader- en Moederdynamiek

Een centraal thema in het boek is de noodzaak tot echte initiatie van jongen tot man. Ton van der Kroon stelt dat onze moderne samenleving een pubersamenleving is geworden omdat klassieke inwijdingsrituelen ontbreken.

  1. Het losmaken van de moeder: Veel mannen blijven emotioneel afhankelijk van de moeder. De verstikkende schaduwzijde van de moeder probeert de zoon klein te houden. Zonder een definitieve breuk blijft de man zijn hele leven krampachtig zoeken naar de goedkeuring van mammie of projecteert hij dit patroon op zijn partner.

  2. De zoektocht naar de vader: de meeste mannen hebben een fysiek of emotioneel afwezige vader gehad. Om een gezonde man te worden, heeft een jongen een mentor of geestelijke vader nodig die hem leert om te gaan met macht, agressie, intimiteit en tegenslag. Door de strijd met de schaduwkant van zijn vader aan te gaan, vindt de zoon zijn eigen innerlijke ruggengraat.

  3. Broederschap en mannengroepen: mannen hebben elkaar nodig. Niet om te concurreren, maar om in openheid en kwetsbaarheid hun worstelingen te delen. Dit heft de diepe eenzaamheid op en geeft mannen de kracht om hun eigen autoriteit te claimen.

Conclusie

De terugkeer van de koning is een krachtig manifest voor de moderne tijd. Ton van der Kroon weet op heldere wijze oosterse chakra-filosofie, westerse mythologie en psychologie met elkaar te verweven. Het boek doet een poging om de balans tussen mannelijke kracht, hartstocht en innerlijk leiderschap te herstellen. Het houdt mannen een meedogenloze en tegelijk liefdevolle spiegel voor. Het nodigt hen uit om niet langer te leven vanuit het verstand of de onderbuik, maar hun plek in te nemen op de troon van het hart. De lichtkanten en de schaduwkanten van de verschillende archetypes laten een pad zien langs waar mannen zich kunnen ontwikkelen. Het is een onmisbaar werk voor elke man die op zoek is naar betekenis, en voor elke vrouw die de diepere lagen van de mannelijke ziel wil begrijpen.

 

Boekrecensie: Elke ja is tevens een nee – Nancy Beulens - de kloof dichten tussen je kleine ikje en het Zelf

Soms kom je een boek tegen dat precies de vinger legt op de innerlijke strijd waarin velen dagelijks leven. De auteur neemt ons mee op een diepe psychologische en spirituele reis. De titel verwoordt meteen het kernthema: elke keer dat je "ja" zegt tegen een ander uit angst voor afwijzing, conflict of schuldgevoel, zeg je onbewust "nee" tegen jezelf. En omgekeerd is een bewuste, duidelijke "nee" tegen de buitenwereld vaak ook een bevrijdende "ja" aan wie je werkelijk bent.

Individuatie

Nancy Beulens vertrekt vanuit het Jungiaanse principe van individuatie: het psychologische proces waarin je afscheid neemt van aangeleerde rollen en valse identiteiten om te worden wie je in wezen bent. Het boek ontrafelt de dynamiek tussen twee versies in ons bewustzijn:

  • Het kleine ikje: De overlevingspersoonlijkheid gevormd door opvoeding, trauma's en belemmerende overtuigingen. Het kleine ikje vraagt veel aandacht,  zoekt krampachtig naar goedkeuring, veiligheid en controle.

  • Het Zelf: De diepere, authentieke essentie. Het Zelf is zonder angst, vredevol, vrij van oordeel en intrinsiek verbonden met de stroom van het leven.

Hoe groter de afstand tussen deze twee versies, hoe zwaarder het leven aanvoelt, een toestand die zich uit in een identiteitscrisis. Om de kloof tussen het kleine ikje en het Zelf te dichten, reikt de schrijfster ons inzichten en modellen aan:

Trauma

Trauma gaat niet over wat er ooit is gebeurd, maar over wat er in je lichaam en autonome zenuwstelsel is blijven vastzitten. Nancy Beulens legt uit dat het zenuwstelsel reageert via overlevingsmechanismen (vechten, vluchten, bevriezen of fawn response). Ze vestigt bijzondere aandacht op de laatste twee:

  • Fawn Response: overdreven pleasen, jezelf aanpassen en grenzen laten vervagen om conflict of afwijzing te vermijden.

  • Functional Freeze: van buiten normaal blijven functioneren en doorgaan, maar van binnen volledig verdoofd en afgesloten zijn.

Herstel van het zenuwstelsel begint niet in het hoofd, maar in het lichaam. Via rust, zachte beweging en hernieuwde veiligheid.

Trauma gaat niet over de gebeurtenis zelf. Trauma gaat over de reactie op de gebeurtenis. Wat je ooit beschermde kan je later gevangen houden
— Nancy Beulens

Dramadriehoek

Veel mensen zitten gevangen in de Karpman-driehoek van slachtoffer, redder en dader:

  • De redder helpt niet uit pure liefde, maar uit de behoefte om nodig te zijn en controle te houden

  • Het slachtoffer vermijdt eigen verantwoordelijkheid.

  • De dader gebruikt boosheid en controle als schild tegen eigen onverwerkte pijn.

De uitweg is eigenaarschap nemen: transformeren van redder naar ondersteuner (die gelooft in de kracht van de ander en zijn eigen grenzen bewaart), en van dader naar eerlijke getuige van de eigen kwetsbaarheid.

De Spiegelwereld

De auteur integreert inzichten uit Reality Transurfing (Vadim Zeland). De buitenwereld is een spiegel van onze binnenwereld. Maatschappelijke structuren en collectieve angsten vormen onzichtbare energievreters, slingers genoemd. Door te stoppen met erop te reageren, je niet meer te laten triggeren en te redeneren vanuit je eigen principes, ontkoppel je jezelf van deze slingers en kies je bewust je gewenste mentale films en levenspaden.

Het CORE-model

Om de overstap naar het Zelf daadwerkelijk te maken, reikt de auteur het CORE-model aan:

  1. Courage (Moed): handelen ondanks de aanwezigheid van angst. Angst wijst precies de richting aan waar de groei ligt.

  2. Ownership (Eigenaarschap): volledige verantwoordelijkheid nemen voor je keuzes en resultaten, zonder afhankelijk te zijn van uiterlijke goedkeuring.

  3. Repetition (Herhaling): dagelijkse rituelen die het brein en zenuwstelsel opnieuw bedraden.

  4. Evidence (Bewijs): fysiek bewijs verzamelen en bijhouden van elke angst die je bent aangegaan en elke belofte aan jezelf die je bent nagekomen.

De buitenwereld spiegelt niet je woorden of wensen, maar je emotionele staat van zijn. Wie innerlijk aanneemt te zijn wie hij wil worden, ziet de uiterlijke werkelijkheid zich als vanzelf aanpassen.

Inversie

Via de wet van omkering legt de schrijfster uit dat alles in de werkelijkheid twee kanten van hetzelfde spectrum vormt: net zoals warmte en koude één continuüm van temperatuur zijn, vormen angst en moed, tegenslag en vooruitgang, of twijfel en zekerheid twee uiteinden van dezelfde pool.

Inversie is de bewuste keuze om niet te vechten tegen een negatieve emotie of tegenslag (wat de lading juist versterkt), maar om door een kleine, concrete actie te bewegen naar een optimaal midden. Zodra je angst voelt en tóch een kleine gedurfde handeling stelt, stuur je een krachtig signaal naar je onbewuste dat je aan de andere kant van het spectrum leeft.

Angst zonder actie roest je van binnen aan. Actie ondanks angst bouwt je op
— Nancy Beulens

Auteur Nancy Beulens

Conclusie

Wat Elke ja is tevens een nee krachtig maakt, is hoe Nancy Beulens erin slaagt om diepgaande spirituele concepten naadloos te verweven met inzichten uit de neurobiologie, cognitieve psychologie en praktische rituelen. Het boek behandelt een enorm rijke verzameling aan thema's en concepten. Voor een lezer die op dat vlak nog geen basis heeft, kan de hoeveelheid informatie overweldigend zijn. Door de heldere structuur en de constante terugkoppeling naar de rode draad — het bewegen van het kleine ikje naar het Zelf — blijft het boek goed leesbaar.

De auteur vertelt dat ze zelf in januari 2026 plots het licht zag, dit na jaren incubatie. Het zou de toegankelijkheid van het boek vergroten indien de auteur haar persoonlijke toepassing van de modellen in het boek verwerkt, bijvoorbeeld bij een volgende druk. Ook de vormgeving en de illustraties kunnen nog beter.

Elke ja is tevens een nee is een aanrader voor iedereen die merkt dat hij of zij vastzit in pleasen, perfectionisme, constante innerlijke onrust of onder druk van maatschappelijke verwachtingen. Het daagt je uit om je innerlijke strijd te staken en je innerlijke reis aan te vatten en zo je bewustzijn te verruimen. Daardoor breng je je kleine ikje terug naar zijn rechtmatige plek en maak je plaats voor je echte Zelf.  Het boek biedt met twaalf dagelijkse declaraties tegelijk concrete handvatten om er zelf mee aan de slag te gaan.

 

 

Boekrecensie: De onverzadigbare vrouw (en de afwezige man) - Lisette Thooft

In De onverzadigbare vrouw en de afwezige man biedt Lisette Thooft een even prikkelende als diepgaande visie op de verhouding tussen mannen en vrouwen. De auteur deed grondig onderzoek naar eeuwenoude mythes, sagen, godsdienstgeschiedenis en science fiction. Haar stelling is helder: de alledaagse wrijvingen in moderne relaties zijn geen toevallige karakterfouten, maar het resultaat van een duizenden jaren oude darwinistische evolutie en strijd. Door de schaduwzijden van beide seksen openlijk te benoemen en te ontleden via de archetypen van de vrouwelijke 'draak' en de mannelijke 'robot', reikt ze een verfrissend en verbindend kader aan.

Het universele relatieconflict en de twee archetypen

De schrijfster stelt dat geliefden van elkaar willen houden, maar vroeg of laat botsen ze op elkaars universele schaduwzijden:

  • Hoe mannen vrouwen zien: mannen vinden vrouwen vaak bemoeizuchtig, bazig, controlerend, bezitterig, gestrest en lastig.

  • Hoe vrouwen mannen zien: vrouwen vinden mannen dikwijls laks, lui, bot, slordig, ongedisciplineerd, onverantwoordelijk en egocentrisch.

Dit spruit volgens haar voort uit de aloude voortplantingsstrijd die in moderne relaties is getransformeerd tot een min of meer beheerste competitie op emotioneel en/of intellectueel niveau."

Mannen zijn vaak een beducht voor hun vrouw en haar typisch vrouwelijke attitude want: "Het is nooit genoeg, Ze wil altijd meer, ze is permanent onvervuld. Er is altijd wel iets te klagen, te mopperen, te corrigeren, te wensen. Het moet altijd anders, beter. Hij moet anders."

Lisette Thooft onderscheidt hierin twee centrale archetypes:

  • De vrouwelijke draak: In elke vrouw schuilt een vuurspuwende en verslindende draak. In de prehistorie manifesteerde die zich op het seksuele vlak, daarna schoof dit op naar het emotionele terrein. Tegenwoordig zit de draak bij veel vrouwen in het hoofd. Haar lichte kant is het krachtige streven naar verbinding; haar donkere kant de neiging tot vernietiging van datgene waarmee zij zich verbindt.

  • De mannelijke robot: de man kun je zien als een nakomeling van de middeleeuwse gepantserde ridder. Hij doemde op toen religie en technologie het ideaalbeeld creëerden van de onkwetsbare man, los van de aarde, natuur, emoties of liefde. Onthechting is zijn lichte kant, kille gevoelloosheid zijn donkere kant.

De evolutie van de vrouwelijke seksuele macht

Door een diepe duik in oude verhalen toont de auteur aan dat de draak en de slang oorspronkelijk stonden voor de onverzadigbare vrouwelijke lust. Biologisch gezien ligt het reusachtige eitje rustig te wachten - als een draak in haar hol - terwijl miljoenen zaadjes een uitputtende race lopen om erin te verdwijnen. Mannen voelen een diepe angst om na de daad slap, leeg en met een verschrompeld lid te worden achtergelaten door de seksuele macht van de vrouw.

Om een beschaving op te bouwen, moest de dierlijke drift van de mens getemd worden:

  1. In vele antieke tragedies werd elke vrouw die openlijk seksuele begeerte uitte een monster. Vrouwen moesten hun libido intomen; hun onderdrukte energie werd de brandstof voor emoties en intriges.

  2. Het Christendom droeg ertoe bij dat mensen hun driften leerden beheersen. Seksuele zelfbeheersing maakte het mogelijk om elkaar als mensen te zien in plaats van als door voortplantingsdrift gedreven dieren.

  3. De hoofse liefde: In de middeleeuwen veranderde het symbool van de vrouw van de draak naar de roos. Ridders en troubadours verheerlijkten de vrouw. Via een erotische techniek leerden mannen een vrouw seksueel bevredigen zonder haar zwanger te maken of hun eigen energie te verliezen.

In mijn visie is de vrouwelijke seksuele energie in de loop van de mensheidsontwikkeling als het ware in het lichaam ‘opgestegen’, van de voortplantingsorganen naar de borstkas, waar emoties zich manifesteren
— Lisette Thooft

De Macht van de onmacht en de schaduwwereld

De schrijfster wijst er met klem op dat vrouwen niet louter slachtoffer zijn geweest, maar ook gebruik zijn gaan maken van de macht van het slachtoffer of de macht van de onmacht:

  • Slachtoffers krijgen psychologisch vaak een gevoel van aanspraak alsof ze meer rechten hebben dan anderen.

  • Zielige of klagende vrouwen kunnen met hun zwakheid hun omgeving emotioneel chanteren of terroriseren.

  • In vrouwelijke onderlinge competitie geldt het 'krabbenmandeffect': een vrouw die boven de rest uitsteekt, wordt door de groep naar beneden getrokken.

Lisette Thooft

De mannelijke schaduw: de kille robot

Toen de vrouwelijke natuur volgens Lisette Thooft bedwongen leek, richtten mannen hun zucht naar controle op de buitenwereld en de techniek. Uit de geharnaste ridder evolueerde de robot: de door mannen geschapen namaakmens zonder ziel, waar niemand thuis is daarbinnen.

Het neoliberale systeem is een en al vrijheid zonder liefde, zonder broederschap, zonder mededogen. Mannen spelen in extreme vrijheid spelletjes met geld ... De machines ronken voort, de fabriekspijpen roken ... Het is een duivels huwelijk tussen robot en draak, tussen de mannelijke en de vrouwelijke schaduwzijden.
— Lisette Thooft

Volgens de auteur lijdt onze huidige cultuur onder een overmaat aan mannelijke kille afstandelijkheid en een tekort aan liefdevolle verbinding. Meer vrouwen aan de top helpt niet als zij zichzelf vermannen of als bazige draken optreden. Wat nodig is, is dat zowel mannen als vrouwen hun eigen schaduw onder ogen zien en hun lichte kant inbrengen.

De passende partner

De auteur ziet ook mogelijkheden om uit deze patstelling te geraken. Dat betekent dat we ons ontwikkelen op twee sporen:

  • Het mannelijke spoor (vrijheid, onthechting, individuele autonomie): de man die zijn egoïstische eigenbelang opoffert en zijn gevoelswereld en aanwezigheid durft toelaten.

  • Het vrouwelijke spoor (verbinding, liefde, zorgzame aandacht): de vrouw die haar geliefde loslaat. Zij houdt op met hem te willen controleren, corrigeren of opeisen, en hem anders laat zijn.

Lisette Thooft introduceert hier de theorie van de passende partner: je kiest automatisch een partner die bij jouw eigen niveau van innerlijke ontwikkeling past. Klagen over de ander heeft dus geen zin.

Als het goed gaat, als de liefde werkt zoals zij hoort te werken, wordt de man in de loop der jaren een tikje vrouwelijker en de vrouw een pietsje mannelijker. Hij ontwikkelt zorgzaamheid; zij wordt speelser en vrolijker. Ze groeien naar elkaar toe ...”
— Lisette Thooft

De schrijftster stelt dat als de vrouw haar claimgedrag inziet en ermee stopt en haar geliefde vrij laat, ze een beetje minder vrouw wordt en meer mens. En dat als de man inziet dat hij bezig is een robot te worden en weer zijn best doet om aanwezig te zijn, hij een beetje minder man wordt en meer mens.

Persoonlijke ontwikkeling begint volgens haar met jezelf onder ogen te zien en te accepteren zoals je bent: pas dan kun je veranderen. Het helpt om daarbij in te zien hoe universeel onze mannelijke en vrouwelijke schaduwkanten zijn, dat haalt de schuld eruit.

Conclusie

Het boek is intussen 15 jaar oud maar actueler dan ooit. Het bevat tal van verhalen en mythes die de stellingen van de auteur onderbouwen. Lisette Thooft schrijft scherp, met veel humor en zonder schroom, maar altijd met het doel om via zelfinzicht en moed te groeien naar een volwassen, gelijkwaardige liefde. Ze beschrijft de mythes zonder blad voor de mond, het gaat er vaak bloeddorstig en hard aan toe. Maar telkens wijst ze op de symboliek die er achter schuilt. Het is volgens haar een belangrijke vaardigheid om uit verhalen en mythes de symboliek te kunnen begrijpen en te kunnen vertalen naar je eigen context of die van de wereld van vandaag. Het boek is een aanrader voor iedereen die inzicht wil krijgen in de verhouding tussen mannen en vrouwen en zo meer oog wil krijgen voor de eigen schaduwkanten en groeikansen en die van zijn of haar partner.

Het boek is uitgegeven bij uitgeverij Balans.

Dagelijks bezoeken zes onverklede tijdrovers honderden organisaties en bezorgen hen meer dan 30% productiviteitsverlies

De meeste bedrijven beschikken over een goede security. Tegen een speciaal soort dieven zijn ze  echter niet opgewassen: tijdrovers. Brutaal en ongemaskerd sluipen ze dagelijks binnen. Waar zijn ze op uit? Zoveel mogelijk werkuren stelen. En dat lukt hen prima. Hoewel iedereen ze kent, mogen ze in veel organisaties gewoon hun gang blijven gaan. Stel dat er in onze productieafdeling een rendementsverlies van 10% zou zijn, we stuurden er meteen een werkgroep op af. Dat we in onze burelen met gemak een derde van onze tijd verspelen, houdt ons minder wakker. Terwijl we nochtans dagelijks tijd te kort hebben. Daarnaast hebben deze tijdrovers ook een negatieve impact op ieders welbevinden. Tijdrovers zijn immers meedogenloos en verslavend. En het zijn broertjes van elkaar. De eerste letter van hun naam begint met een m en ze roven ook graag samen tijd.

Drawify illustratie

Tijdrover 1: multitasking

Af en toe hoor ik tijdens begeleidingen mensen zeggen dat zij wel kunnen multitasken. Ik vraag dan een vrijwilliger om de volgende oefening te doen:

Schrijf in drukletters het woord G E W O O N T E S en daaronder W I J Z I G E N. Daarna doe je deze oefening opnieuw doen en schrijf je dezelfde woorden opnieuw onder elkaar maar deze keer moet je bij het schrijven van de letters telkens switchen tussen het bovenste en onderste woord: van G naar W naar E naar I naar W en zo voort. De multitasking methode neemt bijna altijd drie keer zoveel tijd in beslag. Daarbij verhoogt de kans om fouten te maken (probeer het zelf maar). En toch blijven velen het dagelijks proberen. Het van hier naar daar springen leidt tot concentratieverlies. Bovendien belast je zo je brein heel intensief waardoor je snel moe wordt en je productiviteit fel zakt.

Drawify illustratie

Tips

  • Werk je taken na elkaar af. Weersta aan de drang om van hier naar daar te flippen.

  • Zorg dat enkel wat je nodig hebt in je zicht ligt. Neem verleidingen weg en ontloop stoorzenders

  • Richt je aandacht en ban aanlokkelijke nevengedachten uit je hersenen

  • Zet jezelf een tijdsdoel voor een werkstuk dat je af wil hebben

  • Beloon jezelf na het singletasken

Tijdrover 2: mail

Wanneer we ’s ochtends starten met mail, dan verhoogt de kans dat we er de ganse dag mee bezig zijn. Heel wat mensen denken dat mailen werken is. Dat is niet zo. Of we denken dat we een lege inbox moeten hebben. Dat kan voordelen hebben, vaak kost het ons een pak tijd.

Tips

  • Voorzie twee maal per dag een tijdsblok waarin je mails beantwoordt

  • Sluit je mailbox steeds af na gebruik

  • Gun jezelf max x minuten mailtijd per dag. Analyseer je huidig aantal minuten en zet wekelijks een scherper doel

  • Reduceer het aantal mails per dag en verminder het aantal lijnen per mail

  • Laat je mails in cc in een aparte folder binnenkomen en bekijk deze maximum twee keer per week

  • Laat je mails die je verzendt enkele minuten in je ‘postvak uit’ zitten alvorens ze automatisch worden verzonden. Zo kun je nog correcties doen

Tijdrover 3: meetings

Te veel. Te lang. Niet voorbereid. Niet efficiënt. Geen agenda. Geen verslag. Vergaderingen, we kennen ze allemaal. En toch blijven we eraan deelnemen. En ja, we nemen natuurlijk onze laptop mee zodat we ons kunnen bezighouden met de vorige tijdrover terwijl een collega presenteert. Als je bij online meetings je video en je microfoon afzet, kan dit je ook lukken.

Tips

  • Halveer de vergadertijd. Eenvoudig door alle vergaderingen van 1 uur vanaf nu 30 minuten te laten duren. Eenzelfde truc kun je uithalen met de vergaderfrequentie. En je werkt gelijk efficiënter

  • Check of iedereen (de hele tijd) aanwezig moet zijn

  • Installeer een nieuwe regel: iedereen mag de meeting verlaten als het niet meer interessant is

  • Vergader af en toe staand of hou korte scrums

  • Voorzie een bullshit knop. Je kan daar op drukken als iemand te lang aan het woord is

https://www.pilz.com/nl-BE

https://www.pilz.com/nl-BE

Tijdrover 4: minuutje?

Meestal vragen mensen het niet eens. Als je eens zou uitrekenen hoeveel werktijd landschapsburelen aan bedrijven kosten, je zou ervan duizelen. Je moet al een geoefende mediterende monnik zijn om je in een dergelijke omgeving te kunnen focussen. Er loopt wel altijd iemand langs, er gaat wel altijd een deur open (en weer dicht) of een collega blijft bellen. En of dat nog niet genoeg is, onderbreken we elkaar geregeld via instant messaging. Ben je dan toch even geconcentreerd aan het werk, dan komen enkele collega’s in jouw buurt een mini-vergadering houden.

Chat.png

TIPS

  • Voorzie in stille ruimtes en vergaderboxen of zoek een plek waar je rustig kunt werken.

  • Durf pratende mensen erop aan te spreken om hun gesprekken in een afgesloten ruimte verder te zetten.

  • Zet je pop-ups af. Zorg dat je een tijdje onvindbaar bent

  • Is bovenstaande te hoog gegrepen? Dan zal je het moeten doen met een bordje ‘niet storen’ of een koptelefoon opzetten

Tijdrover 5: media

Zo sociaal zijn ze vaak niet. Ze kunnen je lang bezig houden waardoor je nadien je werk mag inhalen. Eens je er aan begint, kun je erin verdwalen. Voor je het weet is er een uur voorbij. Of ga je toch gauw nog even checken hoeveel likes je intussen op je meest recente post hebt.

TIPS

  • Leg je smartphone weg of zet hem op stil. Voorzie telefoontassen in vergaderruimtes

  • Plan je sociale mediamomenten in, bijvoorbeeld als beloning na een flink stuk werk.

  • Sluit al je vensters en schakel pop-up’s uit

  • Neem je GSM niet mee naar toilet

Tijdrover 6: matig plannen

Ook deze tijdrover kan ons gigantisch veel tijd kosten. Heel wat mensen brengen geen of weinig structuur aan in hun werk. Of ze beschikken over geen goede tool. Daarnaast leert onderzoek dat we te optimistisch inplannen. Of we kunnen geen nee zeggen.

Matig plannen.png

TIPS

  • Plan lege ruimte in je agenda in. Vermom het desnoods als een taak.

  • Voorzie blokken van tijd om geconcentreerd te werken.

  • Verzamel alle informatie voor je begint. Denk aan een stielman die ’s avonds zijn camionette laadt en ervoor zorgt dat hij niets vergeet. Zo kan hij de dag nadien doorwerken zonder naar de plaatselijke Brico te moeten.

  • Overschat je benodigde tijd. Begin met een factor twee.

  • Verdeel je werk in vier categorieën

1.      Dringend, onbelangrijk

2.      Dringend, belangrijk

3.      Niet dringend, onbelangrijk

4.      Niet dringend, belangrijk

Schrap alle activiteiten uit categorie 1 en 3. Spendeer je meeste tijd in categorie 4

Gedragsverandering

Allemaal goed en wel maar deze tijdrovers aanpakken vergt wel een gedragswijziging. En dat is niet eenvoudig. Dat klopt. Veel mensen blijven hierbij vaak in intenties steken en vallen snel terug in hun vroegere gewoontes. De pandemie is misschien wel een ideale tijd om af te rekenen met een aantal tijdrovers. Het kan thuis gemakkelijker zijn om een aantal van bovenvermelde tips in realiteit om te zetten. Om voorgoed af te rekenen met tijdrovers zal je dergelijke alternatieven minstens 21 dagen moeten volhouden, dan pas worden het nieuwe gewoontes. In deze blog ga ik verder in op hoe je een patroon kunt doorbreken en effectief door een ander kunt vervangen.

Kun je hulp gebruiken?

Wil je de tijdrovers in jouw organisatie eens en voorgoed uitschakelen? Via een workshop bedenken we er samen oplossingen voor. Deze brengen we daarna tijdens een begeleidingstraject samen in de praktijk. Bel mij op 0474/949448 of mail naar dirk@dirkdeboe.be.

Veel succes met het uitschakelen van je tijdrovers!

Dirk

Omdat creativiteit, innovatie en transformatie je de wendbaarheid geven om het verschil te (blijven) maken in een constant veranderende wereld

Schakel vervelende tijdrovers uit via de provocatie- en terugdenkmethode

Tijdrovers, elke organisatie heeft er mee te kampen. Aan vergaderingen, mails, sociale media en multitasking verliezen velen onder ons ontzettend veel tijd. Maar ook multitasking, elkaar regelmatig onderbreken en ons werk slecht plannen zijn dodelijk voor onze efficiëntie. En sommige mensen hebben ook nog eens te maken met een manager die zelf slecht plant of zaken vraagt die misschien niet echt nodig zijn. Naast het efficiëntieverlies hebben deze tijdrovers een belangrijke negatieve impact op ons welbevinden. Tijd om er komaf mee te maken.

Creëer beweging door te provoceren

De klassieke recepten zoals een cursus time management of een kaartje met mailregels of vergaderafspraken werken vaak niet. Of toch niet lang . We hebben de neiging om na een tijdje terug te vallen in ons oude gedrag. Een meer drastische aanpak dringt zich op. De provocatie- en terugdenktechniek kan zorgen dat je wel een uitweg vindt voor een nefaste gewoonte.  Creativiteitsexpert Edward de Bono ontwikkelde met de provocatie een laterale denktechniek die zorgt dat je bestaande logische denkpaden verlaat en extreme ideeën bedenkt. Het probleem met dergelijke provocatieve ideeën is dat we ze vaak niet realiseren. Omdat er geen draagvlak voor is, omdat de technologie nog niet rijp is of omdat het idee te gewaagd is. Door vanuit de provocatie terug te denken kunnen we wel tot haalbare ideeën komen.

Slechte werkplanning

Stel dat we geen goed systeem hebben om ons werk te plannen, dan kunnen we hierop provoceren door het planningswerk uit te besteden aan onze computer. Dat is echter te extreem, dus we denken terug tot ideeën komen die wel haalbaar zijn. Zoals tijdsblokken in je agenda zetten, minder taken per dag plannen, je werk opdelen in behapbare stukken of je taken prioriteren.   

Te veel multimedia

Sociale en andere media kunnen verslavend zijn. Deze dopaminemomentjes kunnen echter een groot deel van je werktijd opslorpen. Stel dat we de multimedia buiten gooien? Dat gaat misschien net te ver. Door dat extreme idee terug te denken, komen we op ideeën als je af en toe afsluiten van internet, het inplannen van multimediamomenten of eens een digitale detox doen.  

Hoe provoceren en hoe terugdenken?

Provoceren kun je door aan onmogelijke of onwaarschijnlijke zaken te denken, door flink te overdrijven of eens het omgekeerde te doen. De ‘Wat als’ filmpjes van Tim Van Aelst maken daar veel gebruik van. Je mag ook dingen verbieden, afschaffen of verplichten. Terugdenken doe je door de tijd te beperken (v.b. vergaderingen van 30 minuten i.p.v. een uur), het idee gedeeltelijk door te voeren (enkel voor repetitieve vergaderingen) of enkel in speciale condities (als je thuis werkt).

Je kunt het niet alleen

Heel wat oplossingen kun je zelf toepassen, ze hebben meer effect en zijn duurzamer als je het samen met collega’s doet. Daarom is het aan te raden om de provocatie- en terugdenkmethode samen met collega’s toe te passen. Heb je daar hulp bij nodig? Dat kan via een workshop ‘doorbreek je patronen en werk efficiënter’ waar ook nog andere technieken aan bod komen. Contacteer Dirk hiervoor op 0474/949448 of mail dirk via dirk@dirkdeboe.be

Doorbreek via het transformatierad afremmende bedrijfspatronen en er bedenk er slimmere alternatieven voor in de plaats

Elke organisatie heeft zijn gewoontes en patronen. Gelukkig maar. Jammer genoeg zijn er ook een aantal die remmend zijn en die zorgen dat medewerkers minder efficiënt werken. Die patronen situeren zich op verschillende gebieden: de inhoud van het werk, de manier waarop het werk gebeurt, hoe we het werk evalueren, wanneer en waar dat we het werk doen, met wie we werken, het materiaal dat we er voor nodig hebben en de organisatie van het werk. Doordat werknemers op elk van deze elementen meer eigenaarschap mogen nemen en autonomie krijgen, zijn ze meer gemotiveerd en werken ze efficiënter.

Het transformatierad als denkmodel

Om te zorgen dat medewerkers regisseur kunnen worden over hun werk, kun je via het transformatierad nadenken over alle elementen die het werk beïnvloeden:

Je kunt het transformatierad ook gebruiken om na te denken over efficiëntie. Op elk van de segmenten kun je immers negatieve patronen doorbreken:

Werkinhoud

Er is heel wat efficiëntie te halen door van gestandaardiseerde functiebeschrijvingen over te schakelen op een rolbenadering. Door de kernactiviteiten op te lijsten die nodig zijn voor een team of organisatie, doordat medewerkers vervolgen elkaars kennis, vaardigheden, talenten en expertise in kaart brengen en beide met elkaar matchen, komt de juiste man of vrouw op de juiste plaats te zitten. Hierdoor zijn medewerkers meer gemotiveerd en verlopen taken efficiënter.

Werkvorm

Je zou ervan versteld staan hoeveel mensen hun hoofd alleen maar gebruiken om er een hoed op te zetten, luidt een Engels gezegde. Heel wat organisaties, leidinggevenden en medewerkers weten niet goed hoe het brein van henzelf of hun collega’s functioneert. Waardoor ze de hele dag dingen doen die nefast zijn. Zoals bijvoorbeeld beslissingen nemen op het einde van een lange vergadering of een presentatie in één keer afwerken. Collega’s inzicht in verschaffen in hoe het brein werkt en zorgen dat ze daar rekening mee houden, zorgt voor een boost van je efficiëntie.  

Evaluatie 

Onderzoek toont aan dat jaarlijkse evaluaties niet alleen voor veel stress, jaloezie en frustratie zorgen, in die maand dat ze plaatsvinden gaat de productiviteit ook nog eens gevoelig achteruit. Hiervan afstappen en evolueren naar permanente evaluaties waarbij je de waardering van het werk loskoppelt van de financiële compensatie, kan een doorbraak zijn. Door regelmatig te reflecteren op de efficiëntie van elke werknemer en van de teams waarin zij of hij functioneert, kan die gevoelig naar omhoog gaan.

Werktijd

Het probleem hier is dat iedereen vaak een individuele kalender heeft. Door een gemeenschappelijke agenda te maken met tijdsblokken om geconcentreerd te werken, gemeenschappelijke pauzes, mailvrije momenten, vergaderloze tijd en onderbreekmomenten, slaag je erin om binnen een team een meer synchrone werkkadans aan te houden en gaat het werk veel meer vooruit.

Werkomgeving

De uitdaging waar heel wat organisaties momenteel voor staan, is een balans te vinden tussen werktijd thuis en op kantoor. Hybride werken kan de efficiëntie positief beïnvloeden (minder verplaatsingen of je beter kunnen focussen) maar kan evengoed een negatief effect hebben (niet aan het werk kunnen beginnen of nog meer in de ban van sociale media raken). Samen hierover gedragen afspraken maken kan een boost van de productiviteit tot gevolg hebben.    

Werkmateriaal

Het maken van verslagen – die niet altijd gelezen worden – kost nog altijd veel tijd. Door in plaats daarvan een teambord te gebruiken, kun je tijdens de vergadering ogenblikkelijk actiepunten toevoegen. Door de volgende vergadering te beschouwen als een sprint en daar de kaartjes die je wil behandelen, naartoe te schuiven heb je meteen ook je agenda. Je hoeft dan eigenlijk geen verslag meer te maken. En extra informatie zoals mails en links kunnen perfect aan dat kaartje gehangen worden. Gedaan met zoeken in Outlook naar mails en info.

Netwerk

Nog steeds zie je in veel organisaties afdelingen die op een eiland functioneren. Het gebrek aan  coördinatie tussen afdelingen, kun je aanpakken door projectteams over de afdelingen heen op te zetten en met elkaar te laten samenwerken. En je kunt ook eens gaan kijken hoe andere organisaties het ervan afbrengen qua efficiëntie en van hen leren.

Werkorganisatie

Het bureaucratisch organiseren van werk gecombineerd met een wildgroei van regels en procedures draagt ook zijn steentje bij tot gecultiveerde inefficiëntie. Hou alles regels en procedures eens tegen het licht en check of ze nog gelden of nodig zijn. Daarnaast kun je kijken hoe je medewerkers meer zelfsturend kunt maken. In onderwijs ontwikkelen ze bij jonge kinderen hun executieve functies. Je zou ervan versteld staan hoeveel volwassenen over zwakke executieve functies beschikken.

Zelf aan de slag

 Je kunt vast zelf nog heel wat ideeën bedenken bij elk van deze elementen. Je kunt voor elk van de elementen je patronen in kaart brengen en alternatieven bedenken.

Het is sterk om uit alle alternatieven keuzes te maken en er één samenhangend geheel van te maken dat elkaar versterkt. Een organisatie is immers een levend systeem waarbij de onderlinge relaties elkaar sterk beïnvloeden.  

Hulp nodig?

Tijdens een workshop ‘doorbreek je patronen en werk efficiënter’ komt deze techniek uitgebreid aan bod, dit naast slim schakelen tussen je drie breinen, breinvriendelijk informatie verwerken en de provocatie- en terugdenkmethode om rigide patronen te doorbreken. Samen met collega’s kun je dan oefenen en krijg je nog heel wat extra tips. We gaan ook in hoe je de bedachte alternatieven in de praktijk kunt brengen. Bel Dirk op 0474/949448 of mail naar dirk@dirkdeboe.be voor een vrijblijvend gesprek en we werken een workshop op maat van jouw organisatie uit.

Schakel slim tussen je drie breinen en verhoog zo je productiviteit met 30%

Wij beschikken allemaal over een fantastisch brein met enorm veel mogelijkheden. We benutten dit echter niet altijd of in beperkte mate. Het is alsof we met een auto met zes versnellingen rijden en we er maar drie of vier gebruiken. Iedereen kan zijn brein beter leren inzetten. Maar eigenlijk beschikken we over meerdere breinen die als communicerende vaten kunnen werken.

Drie breinen in één hoofd

Als er plots thuis een leeuw zou binnenstormen, dan gaan we wellicht niet lang brainstormen. We maken razendsnel de keuze tussen vechten, bevriezen of vluchten. Waarschijnlijk kiezen we voor het laatste. Dit gebeurt in een oogwenk zonder dat we daarover hoeven na te denken. Het is ons reptielenbrein dat in overlevingsmodus gaat. Dat brein werkt zintuigelijk, emotioneel en is onvermoeibaar. Je mag drie dagen lang niet geslapen hebben, als die leeuw voor je deur staat, ben je meteen klaarwakker. Doordat dit brein zo snel en zonder nadenken reageert, neemt het soms verkeerde beslissingen. Het voordeel is dat het meerdere taken tegelijk aankan zolang je er maar niet moet bij nadenken.

Als er iets emotioneel gebeurt, tel dan twee keer tot tien eer je reageert

Naast dit flitsbrein beschikken we gelukkig ook over een denkend of bewust brein. Dat zorgt ervoor dat we niet continu impulsieve beslissingen nemen en er eerst eens over nadenken. Dit brein kan echter maar één taak tegelijk aan. Ook al denken nog altijd veel mensen dat zij dat wel kunnen. Maar het is onmogelijk om aan twee dingen tegelijk denken. Als we toch proberen te multitasken, dan zullen we in de praktijk continu van de ene naar de andere taak schakelen. Waardoor we heel inefficiënt worden. Het duurt immers lang om je terug weer op de andere taak te concentreren. Twee groten nadelen van dit brein: het werkt langzaam en verbruikt veel energie. Daarom doe je best zware taken in de ochtend. Omdat ons brein dan meestal nog fris is. Door te pauzeren, te wandelen, te rusten of door wat te kletsen, kun je overdag je brein wel weer opladen.

Neem regelmatig een pauze zonder je brein te belasten

We beschikken nog over een derde brein. Ons onbewuste, het brein op de achtergrond. Dat heeft een enorme capaciteit. Volgens Ap Dijksterhuis is die capaciteit zelfs 200.000 groter dan ons bewust of denkend brein. Een enorm reservoir. Het staat in voor het opslaan en ordenen van informatie en het leggen van associaties. Het nadeel is dat het enkel werkt als je denkend brein niet werkt  of minder wordt belast. Bijvoorbeeld als je slaapt, rust of een routinematige activiteit doet. Voor dat laatste heb je immers niet veel denkcapaciteit nodig. Als alles goed loopt, controleert het denkend brein het totale brein met zijn twee andere breinen. Dit opent heel wat mogelijkheden naar efficiëntieverhoging.

Doe overdag eens een routinematige activiteit. Zo zullen je makkelijker nieuwe ideeën te binnen schieten.

Automatiseer taken

Ons reflexbrein is heel goed in taken waar je weinig moet bij nadenken of die repetitief zijn. Een goed voorbeeld is een ervaren autobestuurder. Als we leren autorijden kost ons dat in het begin veel moeite. We moeten dan super geconcentreerd zijn en ze laten ons dan best gerust. Naarmate dat we meer oefenen, worden handelingen als schakelen steeds eenvoudiger tot we er niet meer bij nadenken. We komen dan aan op het werk zonder dat we nog precies weten hoe. Hebben wee onveilig gereden? Neen. Als er zich gevaar voordoet, activeert het reflexbrein ogenblikkelijk het denkend brein. Dat stuurt dan bij waarna het weer in stand-by gaat. Dat dit brein fouten maakt hebben we wellicht al ervaren. Zo kunnen we bijvoorbeeld op zondag de afslag naar ons werk nemen. Ons reflexbrein gaat er immers van uit dat we ons naar ons werk begeven. Een ander sterk voorbeeld  en direct gerelateerd aan efficiëntie is blind typen. Toen ik twaalf was, mocht ik in het dorp meedoen aan een cursus sneltypen. Daar kwam veel oefening bij kijken. Tussen twee lessen door moesten we vijf bladzijden vol typen terwijl vrienden aan het spelen waren. Op het examen kregen we een tekst die we zo snel mogelijk moesten typen. Voor elke fout werden punten afgetrokken. Ik haalde 189 slagen per minuut, 3 per seconde. Daar heb ik, vele jaren later, nog altijd profijt van. Het typen gebeurt automatisch en snel.

Het is nooit te laat om blind te leren typen of je typesnelheid gevoelig te verhogen

We kunnen ook veel tijd winnen met sneltoetsen, het maken van templates voor teksten die je regelmatig gebruikt of mails automatisch beantwoorden. Telkens kost het je eerst een inspanning om er daarna – zonder dat het je nog veel moeite kost – van te profiteren. Het denkend brein kan op die manier zijn nadelen een stuk camoufleren. Door bepaalde taken uit te besteden aan het reflexbrein ontstaat er meer ruimte voor denkwerk.

Welke taken zou jij kunnen toevertrouwen aan je reflexbrein?
— Quote Source

Incubeer taken

Een andere manier van het denkend brein om taken te delegeren is om die toe te vertrouwen aan het onbewuste. We beschikken allemaal over een antwoordapparaat waar je een boodschap in de vorm van een uitdaging of probleem inspreekt. Ons brein kan heel moeilijk om met onbeantwoorde uitdagingen of problemen en zal bewust en onbewust op zoek gaan naar informatie om een antwoord te bieden. Je laat op die manier complexe taken incuberen. Zoals moeilijke problemen of vragen die moeilijk te ontrafelen zijn. Door daar eerst bewust aan te beginnen en het te laten rusten, gaat het onbewuste daar nadien automatisch mee verder. Als we vastlopen op een hardnekkig probleem dat we maar niet kunnen oplossen, is het beter om het te laten liggen en er op een later moment op terug te komen. Veel kans dat de oplossing zich spontaan aandient. Het onbewuste werkt immers door om alle opties naast elkaar te leggen en je de oplossing aan te reiken als je er klaar voor bent.  

Slaap af en toe op een probleem of laat het liggen en maak een wandeling.

Een ander voorbeeld is het werken aan verschillende projecten. Het is niet verstandig om aan alle projecten tegelijk bezig te zijn. Maar je zou wel een voormiddag aan project A kunnen werken, na de namiddag overschakelen op project B om de volgende ochtend aan project C te beginnen. Als je in de namiddag van de tweede dag verder werkt aan project A zul je zien dat dit project intussen opgeschoten is. Zonder dat je er bewust verder aan gewerkt hebt. Presentaties geven kun je ook uitbesteden aan je onbewuste. Stel dat je volgende week een presentatie wil geven en dat je er maar de avond ervoor aan begint. Dat heb je weinig incubatietijd. Wellicht zullen er dagen na je presentatie nog ideeën in je brein opduiken, ideeën die je had kunnen gebruiken in je pitch. Dit kan je vermijden door de komende dagen al eens naar die presentatie te kijken, zonder ze volledig voor te bereiden. De ideeën zullen dan voor je presentatie al in je opkomen. Dat is trouwens ook de reden waarom je na afloop van een vergadering of als je terug naar huis rijdt opeens een sterk argument te binnen schiet wat je had kunnen gebruiken in die bijeenkomst. Door de vergadering een paar dagen vroeger voor te bereiden, was dit argument waarschijnlijk voor de vergadering al bij je opgekomen.

Wil je hiermee aan de slag?

Tijdens een workshop ‘doorbreek je patronen en werk efficiënter’ komt deze techniek uitgebreid aan bod, dit naast de provocatie- en terugdenkmethode, breinvriendelijk informatie verwerken en het transformatierad als denkmodel om hardnekkige patronen te doorbreken. Samen met collega’s kun je dan oefenen en krijgt je nog heel wat extra tips. Je leert ook hoe je de bedachte alternatieven in de praktijk kunt brengen. Bel Dirk op 0474/949448 of mail naar dirk@dirkdeboe.be voor een vrijblijvend gesprek en we werken een workshop op maat van jouw organisatie uit.

 

 

Hoe je informatie op een breinvriendelijk manier kunt verwerken en zo je efficiëntie een boost kunt geven

Om de leerstof beter te kunnen opnemen, leren heel wat leraren kinderen op school hoe ze op breinvriendelijke wijze kunnen leren en studeren. Wij als volwassenen verwerken tijdens onze professionele loopbaan ook heel wat informatie. Wist je dat we door op een breinvriendelijke manier informatie te verwerken, we onze efficiëntie gevoelig kunnen verhogen?

De gouden driehoek

Tijdens ons werk, zijn velen onder ons veel bezig met geschreven communicatie: teksten, verslagen, publicaties, boeken, blogs ... Het is vaak de bedoeling dat we daar essentiële informatie uit destilleren om die daarna te houden. Dit kan in 3 stappen:

1.     Slimmer en sneller lezen

Enkele eenvoudige oogtips kun je leessnelheid al gevoelig opdrijven. Op de koop toe onthou je meer:

-        Gebruik een leeswijzer: je wijsvinger of een pen. Door je tekst die je leest met een leeswijzer te volgen, trek je je ogen vooruit, hou je focus en heb je minder de neiging om terug te springen in de tekst. Door snelheid te maken, raak je ook minder afgeleid.

-        Lees in woordengroepen: we beschikken over een periferisch zicht. Toch lezen we meestal woord per woord terwijl woordengroepen meer betekenis hebben. Door lichtjes uit te zoomen en in woordengroepen te lezen, verhogen we onze leesefficiëntie.

-        Snij de marges af: de belangrijkste woorden staan niet steeds in het begin of op het einde van een regel. Je hoeft dus niet steeds van begin tot het eind te lezen. Door de marges af te snijden, win je weerom tijd en lees je sneller. Zonder kwaliteitsverlies.

-        Ski door je tekst: we hebben de neiging om op het einde van een regel terug naar het begin te gaan. Door de volgende regel achterstevoren te lezen, moet je niet helemaal terug en win je weerom tijd.

Er zijn ook enkele eenvoudige breintips die enorm kunnen helpen bij het verwerken van informatie:

-        Surf: scan de tekst die je wil lezen zoals je de krant doorbladert. Zo krijg je een eerste indruk van de sleutelbegrippen en de belangrijkste beelden.

-        Activeer je voorkennis: vraag je af wat je al weet van de thema’s die in tekst staan. Door daar bewust en onbewust over na te denken, activeer je al aanwezige kennis bij jezelf. Dit vergemakkelijkt het toevoegen van nieuwe kennis of informatie.

-        Zet je turbo op: je gaat met een analoge of digitale markeerstift met hoge snelheid door de tekst, weliswaar niet zo snel als bij het surfen. Je streept hierbij de passages verticaal aan die je interessant vindt en waar je bij een volgende lezing meer aandacht aan wil besteden. De minder interessante passages stip je niet aan.

-        Derde lezing: je leest de passages, die je hebt aangestreept, trager , deze die je niet hebt aangevinkt, lees je sneller. Je maakt ondertussen ook aantekeningen en noteert vragen of gedachten die in je opkomen. Zo leer je de informatie kritisch te verwerken en ben je al bezig met hoe je de informatie gaat verankeren.

2.     Slimmer en efficiënter informatie opslaan

De informatie breinvriendelijk opslaan, doe je door bij nota’s of schema’s een goed evenwicht te houden tussen ratio en emotie, tussen tekst en beelden. Ons brein houdt niet van woorden alleen. Dit kan bijvoorbeeld door het maken van een mindmap over de gelezen tekst. Daarbij komt de essentie van de informatie op één pagina te staan, is er een evenwicht tussen sleutelwoorden en beelden en gaat het van hoofdpunten in het midden naar details aan de buitenkant.

Een mindmap heeft ook nog het voordeel dat je er nadien nog dingen aan toe kunt voegen. Terwijl je de mindmap maakt, neem je de informatie nog eens in je op en zorg je dat deze in het korte termijn geheugen komt.

3.     Slim onthouden

Het is belangrijk om informatie ook te verankeren. Anders vergeet je die weer. Informatie die je tot jou neemt, komt in het korte termijn geheugen terecht. Daarna wordt het overgeschreven door nieuwe informatie. De capaciteit van je korte termijn geheugen is immers  beperkt.

Afbeelding - EduNext vzw

Om de informatie in je lange termijn geheugen te krijgen, is herhaling nodig. Dus studeren en herhalen zijn belangrijk om informatie en kennis te verankeren. Om informatie goed te verankeren, is het maken van associaties zeer nuttig. Zoals het gebruik van humor, animaties bedenken, dingen uitvergroten of je zintuigen gebruiken. Je kunt ook de informatie ook koppelen aan een metafoor, een verhaal rond de informatie weven, de link leggen met een anekdote of er sterke emoties aan koppelen.

Nog meer weten over je brein slim gebruiken?

We beschikken eigenlijk over drie breinen: een reflexbrein, een bewust brein en een onbewust brein. Door bepaalde taken te automatiseren of te incuberen kun je taken vanuit het bewust brein delegeren aan een van de andere twee breinen en zo efficiënter. In deze blog lees je er uitgebreid over.

Wil je graag hierover graag een workshop of een opleiding boeken, contacteer dan Dirk op 0474/949448 of mail naar dirk@dirkdeboe.be